Private Parking
Sinds een korte tijd is de voortuin voor ons gebouw – de hoop aarde met woekerend onkruid – herschapen in een parking met plaats voor acht wagens. Twee parkeerplaatsen per appartement dus. Enkel voor de bewoners en eventueel bezoekers. En zeker niet voor de mensen die de bus nemen – er is namelijk een bushalte vlak voor onze deur.
Ik vond dat het uiteindelijk nog lang geduurd heeft vooraleer er een vreemde wagen stond, maar zondag was het zo ver. Van ’s morgens vroeg stond er een Matiz met platte band zo geparkeerd dat hij twee parkeerplaatsen in nam. Heel de dag had hij er gestaan en iedereen vroeg zich af van wie de wagen toch kon zijn.
’s Avonds rond een uur of 7 krijg ik in het oog dat iemand volop bezig is om de platte band van de wagen te vervangen. Snel opgejaagd als ik ben ga ik in colère naar buiten en daar speelt zich volgende conversatie af.
Wim: Goeieavond meneer. Mag ik vragen waarom u hier staat?
Meneer: Ik had platte band toen ik vanmorgen naar mijn werk reed en dus ben ik met de bus gegaan.
W: En waarom bent u dan hier komen parkeren?
M: Omdat hier plaats was.
W: Meneer, dat is hier wel privé parking.
M: Ik zie hier nochtans geen plaatje staan.
W: Allez meneer, dat is nu toch duidelijk. Ik kom toch ook niet bij u op het geleeg staan hoewel dat er geen plaatje hangt.
M: Ik heb geen geleeg meneer.
W: (zucht)… U had misschien iets kunnen laten weten.
M: Het was 5 uur ’s morgens, hoe had ik dat dan moeten doen?
W: Door middel van een briefje onder uw ruitenwisser of in één van de vier brievenbussen misschien?
M: Daar had ik niet aan gedacht.
W: En hoe staat u trouwens ook geparkeerd. U bezet twee plaatsen.
M: Sorry he, het was donker en ik zag niet zo goed waar ik reed. En daarbij, ik heb nog maar een jaar mijn rijbewijs.
W: Ahzo, en dan mag u zomaar wildparkeren op een privé parking. We hebben een hele dag twee plaatsen niet kunnen gebruiken. Wa zijt gij nu toch voor ene?
M: Meneer, sebiet bel ik naar de politie.
W: (verbaasd)… En waarom dan wel?
M: Omdat u tegen mij roept en mij tegen mijn voeten geeft.
W: Weet ge wat er van is? Belt naar de politie. En zegt ineens dat de volgende keer dat ik u hier zie staan om de bus te nemen ik uw voorruit toeplat met krantenpapier en behangerslijm. En kust nu mijn kloten en maakt dat ge van mijn geleeg zijt.
Ondertussen hangen er twee plaatsje om duidelijk aan te geven dat het private parkeerplaatsen zijn. En de volgende die er staat kan zich inderdaad verwachten aan een toegeplakte voorruit. Men weze gewaarschuwd.







Recent Comments